De Alkmaarse kermis in 1955

Fakir Rano negen dagen levend begraven

Drommen Alkmaarders kwamen in 1955 op de laatste kermisdag naar het Hofplein. Om 10 uur ’s avonds zou er iets bijzonders gebeuren in de ‘Indische graftempel’ die daar stond opgesteld. Negen dagen eerder, bij het begin van de kermis, was op die plek de 28-jarige fakir Rano levend begraven in een provisorisch vervaardigd graf van 1½ meter diep. Het nieuwsgierige publiek kon tijdens de kermis de fakir in zijn kist zien liggen.

jeugd

Alkmaarse jeugd helpt bij het uitladen van de botsauto’s. Vervaardiger onbekend. Collectie Regionaal Archief Alkmaar. Licentie: CC-BY

Een  koker kwam uit op een raampje in de kist ter hoogte van het hoofd van Rano, dat verlicht werd door twee kleine elektrische lampjes. De fakir had niet veel beweging nodig en al evenmin veel voedsel: in de kist nam hij slechts een fles sinasappelsap en een pot vitaminepillen mee. Om er zeker van te zijn dat hij rust zou hebben, had hij ook een flinke voorraad slaappoeders meegenomen.

Politie hield publiek op afstand

Na wat spitwerk kwam de kist op die zondagavond al vrij snel tevoorschijn. Inmiddels stonden er zoveel Alkmaarders te dringen, dat de graftempel dreigde in te storten. Het bleek noodzakelijk om de tent een tijdje af te sluiten om ongelukken te voorkomen. Acht politiemannen hielden het publiek op afstand. Vervolgens werden de hangsloten waarmee de kist was afgesloten, geopend. Een journalist van de Alkmaarsche Courant had de sleutels al die dagen veilig bewaard. Fakir Rano bleek nog springlevend en tegen betaling van 25 gulden mochten nieuwsgierige Alkmaarders dit persoonlijk komen controleren.

Rano

Fakir Rano na negen dagen weer bovengronds. Vervaardiger onbekend. Collectie Regionaal Archief Alkmaar. Licentie: CC-BY.

Vandaag de dag krijgen we meteen wantrouwen bij een dergelijk verhaal. Zouden de Alkmaarders in 1955 niet gewoon negen dagen lang naar een hoofd van was hebben gekeken?

Een attractie als de graftempel rekende men in die tijd tot de groep van ‘kijktenten’, waar het publiek allerlei wonderlijke zaken kreeg voorgeschoteld. Zo was er op de kermis ook een ‘meisje in een goudviskom’ te bewonderen en een bewegende robot.

Lulliputstad

Lilliputstad

De 78 cm tellende Helmuth Doering en Pussy Zaharadnik (105 cm) tijdens een dressuurnummer in ‘Schneider’s Lilliputstad’. Vervaardiger onbekend. Collectie Regionaal Archief Alkmaar. Licentie: CC-BY

Dit soort vermaak tref je op de hedendaagse kermissen nauwelijks meer aan. Kermissen toonden in vroeger tijd ook vaak mensen met een lichamelijke afwijking. Zo kon je tijdens de kermis van 1955 een bezoek brengen aan ‘Schneider’s Lilliputstad’ op het Doelenveld. Er was daar een circustent opgebouwd, met als front het decor van een stadje, voorzien van stadhuis en postkantoor. Een 26-tal lilliputters verzorgden er allerlei optredens. Er waren nummers met clowns, acrobaten, ponydressuur, muziek en dans. Alles werd zeer professioneel uitgevoerd. Grote indruk maakte een clownsnummer waarbij op het eind uit een handkoffer de ‘kleinste man van Europa’ tevoorschijn kwam, de slechts 78 cm tellende Helmuth Doering. Ook de ponydressuur en de uitvoering van dansen uit de oude doos in rococo-kostuum trok veel bekijks. ‘Lilliputstad’ was hèt succesnummer van de kermis, daarover was de pers unaniem. Dergelijke door lilliputters bewoonde ‘stadjes’ waren vooral in de periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog erg populair, maar ook na de oorlog kon je ze op kermissen aantreffen. Arthur Japin schrijft erover in het boekenweekgeschenk De grote wereld. ‘Schneider’s Lilliputstad’ was na 1945 opgebouwd door Erich Schneider. De lilliputters – 12 mannen en 14 vrouwen – waren afkomstig uit maar liefst 8 verschillende landen in Centraal- en Oost-Europa en spraken onderling Duits. De kaasstad viel bij de groep blijkbaar in de smaak, want ook in 1960 was het gezelschap te vinden op de Alkmaarse kermis.

Gratis middag voor armen en ‘behoeftigen’

Wat ook voorgoed verleden tijd is, was het gratis bezoek van de kermis door ‘behoeftigen en gebrekkigen’. Op kosten van de kermisexploitanten mocht deze groep in de jaren vijftig op de vrijdagmiddag gratis naar de kermis.  In drie bussen werden in 1955 circa 140 bejaarden uit het Hof van Sonoy en de Piusstichting rondgereden over de kermis. Verder bezochten de bejaarden een circusvoorstelling in het lilliputterstadje. De twee oudste bezoekers, de 93-jarige mevrouw Schut en de 91-jarige meneer Bakker, kregen een grote zak snoepgoed en een zoen van een lilliputtermeisje en een lilliputterclown. Overigens mocht ook een groep kinderen van arme ouders op de vrijdagmiddag gratis de kermis bezoeken. Onder begeleiding van de vrouwen van de kermisexploitanten genoten ongeveer 200 kinderen volop van de attracties.

Canadaplein

Paardenmarkt en Canadaplein tijdens de kermis. Vervaardiger J. Schoen. Catnr.: FO 1004922. Collectie Regionaal Archief Alkmaar. Licentie: CC-BY.

Nu zijn de lilliputters en de fakirs verdwenen, evenals de speciale middag voor ‘behoeftigen’. Gebleven is de kermis, waar iedere generatie zijn eigen herinneringen aan bewaart.

Door Harry de Raad

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s