De afzetter: een bijzonder ambacht in de Gouden Eeuw

Door Marijke Joustra

Afzetter klinkt in onze oren niet erg betrouwbaar, maar in de zeventiende eeuw was het een eerzaam en bijzonder kunstzinnig beroep.

kleurenkaart

Kleurenstaalkaart van Jan Dirksz. Zoutman

De zeventiende eeuw was een periode in Nederland met een enorme productie van boeken, atlassen en prenten. De boeken en illustraties werden in zwart-wit gedrukt – pas in de negentiende eeuw zou de kleurendruk echt tot ontwikkeling komen. Daarom werd er een beroep gedaan op kunstenaars die de boeken, kaarten en prenten stuk voor stuk met de hand inkleurden. Dat gebeurde in opdracht van drukkers maar ook van kopers, vooraanstaande burgers en adellijke personen die graag mooie en kostbare boeken aan hun verzameling toevoegden. Op de kaarten in de atlassen werden de grenzen van gebieden met gekleurde lijnen aangeduid, of ‘afgezet’. Ook in de andere illustraties, vignetten en versieringen werden de prachtigste kleuren en zelfs goud of zilver aangebracht. Sommige verven en pigmenten die de afzetter gebruikte waren dan ook zeer kostbaar. De kleuren in de boeken en prenten zijn ook nu nog prachtig om te zien, alsof ze pas zijn aangebracht. Omdat de boeken dichtgeslagen in bibliotheken en archieven zijn bewaard heeft de tijd er geen invloed op gehad. Over wie deze kunstenaars waren is niet veel bekend. In tegenstelling tot kunstschilders signeerden zij hun werk niet. De weinige informatie die we hebben komt uit rekeningen en opdrachten die in archieven bewaard zijn gebleven.

van-santen-03De meester-afsetters
Het mooiste werk van deze ‘afsetters’ en ‘meester-afsetters’ is tot en met januari 2016 te zien in de tentoonstelling Op zoek naar Van Santen & de kleuren van de Gouden Eeuw (Bijzondere Collecties, Oude Turfmarkt 129, Amsterdam). Centraal in de tentoonstelling staat de Amsterdamse ‘meesterafzetter’ Dirk Jansz. van Santen (1637–1708). Hij is een van de weinigen die we van naam kennen, en waarvan werken bekend zijn. Hij werkte voor opdrachtgevers in binnen- en buitenland. Ook werk van andere, onbekende afzetters is in de expositie te zien. De boeken en prenten komen uit nationale en internationale collecties. Ook het Regionaal Archief Alkmaar behoort tot de bruikleengevers met, onder andere, een kleurenstaalkaart die bewaard wordt in de collectie aantekeningen van de Alkmaarse geschiedschrijver Simon Eikelenberg (1663-1738). Op deze kleurenkaart worden 24 kleuren getoond, met daarnaast de mooiste benamingen zoals dracke bloet ende lack, fermilyoen, sipel groen, lamp swardt en donckere schijttgel. Het kaartje is afkomstig uit een werkboekje van Jan Dirksz. Zoutman (1617/18-1679) die als afzetter begon en later kaartenmaker en landmeter in Alkmaar werd. In het boekje staan voorschriften voor het maken en gebruiken van de kleuren genoteerd.

Kanselbijbel Grote Kerk Alkmaar
De tentoonstelling toont ook bijbels met prachtig ingekleurde kaarten. Een soortgelijke bijbel, met vergelijkbare ‘afgezette’ kaarten wordt bewaard in de bibliotheek van het Regionaal Archief Alkmaar. Het betreft hier de kanselbijbel uit de Grote Kerk in Alkmaar. Deze bijbel, in 1663 gedrukt door de Leidse firma Elzevier, is in 1995 vanuit de Grote Kerk overgebracht naar het Regionaal Archief. De bijbel bevat een serie van zes kaarten die vanaf 1657 door Nicolaes Visscher zijn gedrukt: een wereldkaart, een kaart met de ligging van het Paradijs, een kaart van de 40-jarige reis door de woestijn, een kaart van Jeruzalem, een kaart van het Beloofde Land en een kaart van de zendingsreizen van de apostel Paulus. De kaarten, met een afmeting van 30 bij 47 cm zijn heel gedetailleerd met prachtige kleuren ingekleurd door een ons onbekende afzetter. Ook hier lijkt het alsof de kleuren net zijn aangebracht, het bladgoud schittert ons tegemoet.

woestijnreis

Kaart van de 40-jarige reis door de woestijn.

woestijnreistitelvignet

Het titelvignet van de kaart van de 40-jarige reis door de woestijn.

Op de kaart van het Paradijs zien we de stad Babel, gelegen aan de rivier de Eufraat, in het huidige Irak. De Toren van Babel steekt er bovenuit, een stipje bladgoud is in het midden van de stad aangebracht. Vlak daarbij ligt ‘ ’t Lusthof ofte ’t Paradys’, met Adam en Eva onder de bomen, een detail dat met het blote oog haast niet te onderscheiden is. De werkelijke afmeting van het getoonde kaartfragment is 5 bij 7 cm.

paradijsdetail

Fragment uit de kaart met de ligging van het Paradijs

De naam van de ontwerper van de kaarten, Nicolaes Visscher, is op verschillende manieren aangegeven. Voluit, als monogram, of door middel van een afbeelding van een visser in een onopvallend hoekje. Ook deze figuurtjes zijn prachtig ingekleurd.

Vissers op de Paradijskaart

Visser op de Paradijskaart

visserbeloofdeland

en op de kaart van het Beloofde Land.

De Alkmaarse kanselbijbel kan helaas niet ter inzage gegeven worden in de studiezaal van het Regionaal Archief. Het formaat, 53 bij 36 centimeter en 17 centimeter dik en het gewicht van bijna 18 kilo maken het hanteren tot een hachelijke klus waarbij het boek veel te lijden heeft. Gelukkig zijn de kaarten gedigitaliseerd waardoor we ze goed kunnen bekijken (bekijk ze hier op Flickr). Door in te zoomen worden de kleinste details zichtbaar en is te zien hoe nauwkeurig de afzetter heeft gewerkt. Ook zijn er mooie afdrukken van de kaarten gemaakt die in de studiezaal bekeken kunnen worden. Voor wie het echte werk van de afzetters wil zien biedt de expositie in Amsterdam een unieke kans. De tentoongestelde werken zullen na afloop weer voor lange tijd veilig opgeborgen worden in de collecties in binnen- en buitenland.

Bij de tentoonstelling verscheen het boek ‘Afsetters en meester-afsetters’: de kunst van het kleuren 1480-1720 van Truusje Goedings (Nijmegen, Vantilt, 2015). Zij schreef ook het artikel Dirk Jansz van Santen, ‘meester-afsetter’ in De Boekenwereld, jaargang 31 (2015), nummer 3. Over de Alkmaarse kanselbijbel verscheen het artikel De kanselbijbel uit de Grote of Sint Laurenskerk te Alkmaar door Marijke Joustra, in Oud Alkmaar, jaargang 26 (2002), nummer 1.

Advertenties

Een waardig eerbetoon aan de stoomlocomotief Bello

Tekst en foto’s door Jesse van Dijl

Seinwachter

De seinhuiswachter kijkt neer op het perron waar het publiek zich verzamelt in afwachting van Bello.

Op 26 augustus 2015 werd in het gezellige stationsgebouw en op het bijbehorende, gelukkig overdekte, perron van de Museumtram Hoorn-Medemblik te Hoorn op feestelijke wijze het eerste exemplaar van het boek “DE STOOMTRAM Alkmaar – Bergen aan Zee, ‘Bello’ en daarna” overhandigd aan de auteurs. Het Regionaal Archief Alkmaar was uitgenodigd om hier bij te zijn, en de beeldconservator (en schrijver van deze blog) was de gelukkige om als vertegenwoordiger namens het archief aanwezig te zijn bij dit leuke moment.

Aankomst

Langs een spoor wat verderop, stopt Bello en is haar laatste rit met toeristen die dag voorbij. Een heerlijk nostalgische en historische stoomlucht vult inmiddels de neus van de fotograaf en de andere aanwezigen.

Na de laatste reguliere rit met liefhebbers van de tram en toeristen deze woensdag werd locomotief Bello met een personenwagon er achter netjes direct vóór het stationsgebouw gerangeerd zodat alle genodigden de schitterende locomotief mooi konden zien en de hoofdpersonen van die dag goed in beeld plaats konden nemen in het rijtuig. Na een fotomoment bij de trein klonk duidelijk de beroemde bel en de fluit van de locomotief en werd het programma vervolgd in de wachtruimte van het stationsgebouw.

Tijd

De machinist kijkt rustig neer op één van de auteurs van het boek, dhr. L.J.P. Albers (links) en een passagier die tijdens de laatste rit van de tram in de nacht van 31 augustus op 1 september 1955 er net als vandaag bij was. We zijn getuige van een “echo van de tijd”.

Hier werden, namens uitgeverij W Books, door Johan de Bruijn de eerste exemplaren van het boek overhandigd aan de auteurs dhr. L.J.P. Albers en dhr. W.H. Kentie alsmede aan de directeur van de Museumtram dhr. René van den Broeke. Vervolgens werd ook door de uitgeverij gebruik gemaakt van het moment om nog een financiële schenking aan de museumtram te doen. Dat werd eveneens met luid applaus beantwoord.

Het boek “DE STOOMTRAM Alkmaar – Bergen aan Zee, ‘Bello’ en daarna” blijkt een mooi vormgegeven boek geworden met relatief weinig tekst. Het zijn de afbeeldingen die veel voor zichzelf spreken. Bijzonder prachtig fotomateriaal, vaak nog nooit eerder gepubliceerd, trekt je geïnteresseerde aandacht. In een woord vooraf én in de inleiding wordt kort en bondig vertelt over de beweegredenen voor deze opzet. Het is al met al een waardig eerbetoon aan het begrip ‘stoomtram’ alsook aan de legendarische stoomlocomotief, NS 7742, bijgenaamd ‘Bello’ geworden. De foto’s geven ons onder andere een schitterend beeld van de laatste rit van Bello en de dagen voorafgaand aan dit historische feit. Werkelijk prachtige zwart-wit opnamen gemaakt met een Voigtländer Bessa 1 camera door dhr. L. Albers. Vaak haarscherp en daardoor met veel details. Een lust voor het oog. Op de kop af 60 jaar na de laatste reguliere rit van Bello opgenomen in dit mooie kijkboek.

Veel mensen

Vele genodigden zijn afgekomen om dit leuke moment mee te maken.

Eerste exemplaar

Het officiële moment van het eerste exemplaar. Van links naar rechts zien we de heren J. de Bruijn, R. van den Broeke, L.J.P. Albers en W.H. Kentie. De hoofdpersonen van dit hele initiatief gebroederlijk naast elkaar.

In veel boekhandels in de regio en daarbuiten is het boek uit voorraad verkrijgbaar. Zeker een aanrader voor iedereen die zich interesseert voor de geschiedenis van de tram in het algemeen en in die van Bello uiteraard in het bijzonder. Een boek dat niet mag ontbreken op ieders leestafel in Bergen NH, en ook bij ons in het Regionaal Archief Alkmaar is inmiddels natuurlijk een exemplaar aanwezig in de collectie.

IMG_5295IMG_5294IMG_5293

Op zoek naar Sewojski

Door Marijke Joustra

Een merkwaardige aanwinst is een schriftje dat begin dit jaar mee kwam met een aantal Schager kranten die aan ons zijn overgedragen. In het schriftje is een serie humoristische columns geplakt met de titel ‘Langs het lijntje’. De columns gaan over voetbal en zijn geschreven door ene Sewojski. Boven elke column staat een plaatje van een mannetje langs de lijn, een koffertje met de naam er op, een pen en een inktpot.

langshetlijntje

Een treffende gelijkenis! Boven de illustratie bij de columns. Hieronder op een foto uit 1957, uit: W. Snellen: 75 jaar Sparta Schagen. Schagen, 1986.

Een zoektocht op internet naar die vreemde naam leidt naar een vermelding in onze eigen digitale krantenviewer. In de Heldersche Courant van 17 november 1942 beschrijft een journalist naar aanleiding van de wedstrijd HRC Den Helder – Sparta Schagen een ontmoeting met “onze ouwe vriend Westenberg, de man die altijd zulke fijne sportbeschouwingen gaf in ‘het Groentje’, onder den schuilnaam ‘Sewojski'”. Verder speurwerk wijst uit dat het hier om Johannes L.H.J. Westenberg gaat, scheidsrechter en bestuurslid van voetbalclub Sparta Schagen van 1942-1945.

foto1957

Is dit hem?

In het dagelijks leven was hij onderwijzer en hoofd van onder meer de openbare lagere scholen in Broek op Langedijk en Schagen. Een onderwijzer die volgens de krantenberichten veel deed aan vernieuwing van het onderwijs. Volgens het jubileumboek 75 jaar Sparta Schagen van W. Snellen uit 1986 schreef Sewojski in de oorlogsjaren stukjes in het clubblad Om het oude slot. In Het Groentje, sportblad voor Noord-Holland, waar de Helderse journalist naar verwees, troffen we hem niet aan. Wel in het opvolgende blad De Nop uit eind jaren veertig, daar heet de rubriek ‘Langs de lijnen’. Ook in het Schager Weekblad in de jaren vijftig zijn korte stukjes van Sewojski te lezen. Maar bij geen van deze staat ‘ons’ plaatje er boven.

Voorbeeldbericht

“Gebed van de voetballer”

In zijn columns neemt Sewojski de perikelen van een voetbalclub op de hak, gebruikmakend van allerlei schuilnamen die voor tijdgenoten overduidelijk moeten zijn geweest. Zoals Schubberdam (Schagen), bestuursleden Soetemeyer, Rozenwater en Appelsga, kastelein Grootendorst, trainer Jaap Wortel en voetballer Gert Groen. De bestuursvergaderingen, de trainingen en de wedstrijden worden beschreven met veel humor – hoewel nu gedateerd – , de dialogen veelal in het Westfries. In het schriftje zijn met balpen correcties aangebracht bij sommige columns, waarbij hier en daar namen zijn vervangen door recentere: Leo Horn bijvoorbeeld wordt Frans Derks. Zijn de stukjes in later jaren misschien opnieuw geplaatst?

Tot slot, de schuilnaam Sewojski: draaien we de naam om dan staat er: iks jo wes. De laatste twee lettergrepen kunnen een afkorting zijn van Johannes Westenberg. Staat Iks voor X, de grote onbekende?

Voorbeeldpagina

Pagina’s uit het schriftje

Een Statenbijbel uit Heiloo

Titelpagina van de Statenbijbel

Titelpagina van de Statenbijbel, 20 bij 32 centimeter.

Door Marijke Joustra

“We hebben hier een oude Bijbel, is dat misschien wat voor jullie?” Aan de telefoon een medewerkster van activiteitencentrum Het Trefpunt in Heiloo. Zij is bezig met de voorbereiding van een tweedehands-boekenmarkt waarbij allerlei boeken worden verkocht die door inwoners van Heiloo zijn afgegeven. Deze Bijbel is misschien beter op z’n plaats in onze collectie? Hij is in slechte staat, aldus de Trefpunt-medewerkster. De band ontbreekt, het papier is verkleurd en beschadigd. Maar we nemen hem graag in ontvangst.

Op de gegraveerde titelpagina staat: ‘Biblia (…) Door last der Hoog-Mog. Heeren Staten Generael van de Vereenigde Nederlanden (…) Uyt de oorspronckelycke talen in onse Nederlandsche tale getrouwelyck overgeset’. Een Statenvertaling dus, de eerste werd in 1637 gedrukt. Deze Bijbel is uitgegeven in 1718 door een samenwerking van uitgevers uit Amsterdam en Rotterdam.

Bijbels zijn in de loop der eeuwen in alle soorten en maten gedrukt, voor kerkgenootschappen en voor particulieren, sober, of juist rijk geïllustreerd. In bijna elk huisgezin was na de Reformatie, begin zestiende eeuw, wel een exemplaar te vinden. Vooral van Statenbijbels zijn honderdduizenden exemplaren gedrukt.

Wie in onze bibliotheekcatalogus zoekt op het woord ‘bijbel’ vindt daar ruim 150 beschrijvingen. 70 daarvan zijn Bijbels, de andere boeken zijn Bijbelbewerkingen of studies over de Bijbel. De oudste Bijbel in de collectie is uitgegeven in 1480, de nieuwste is van 2010. Ze variëren van een klein zakbijbeltje tot de kostbare achtdelige Koningsbijbel op groot formaat, rond 1570 gedrukt door Christoffel Plantijn. De Bijbels zijn katholiek of protestants en geschreven in het Latijn, Grieks, Nederlands, Engels, Frans, Duits en zelfs in sms-taal.

Protestantse Bijbels werden zonder illustraties gedrukt, het Woord stond immers centraal. Alleen de hoofdletters aan het begin van een Bijbelboek waren soms versierd. Maar de koper kon er bij de boekbinder desgewenst platen in laten meebinden. Vooral Bijbels op het grote folioformaat werden op verzoek van de klant met een mooie boekband, soms met koperbeslag en met kaarten of prenten opgesierd.

De hoofdletter P, met een voorstelling uit Handelingen 28:5

De hoofdletter P, met een voorstelling uit Handelingen 28:5

De Statenbijbel uit Heiloo is hier een mooi voorbeeld van. Hij bevat een aantal bladen met op elk blad acht prenten. Steeds is op een van deze acht het beeldmerk van Claes Jansz. Visscher te zien, de drukker in wiens opdracht de prenten werden gegraveerd.

Visschers leerling, Pieter Hendricksz. Schut, vervaardigde rond 1650 42 losse bladen met in totaal 336 prenten, elk 6,5 bij 9,5 centimeter. De prenten waren voor een deel nagegraveerd naar voorbeelden van eerdere ontwerpers maar Pieter Schut voegde ook eigen ontwerpen toe. De prenten van Schut waren een groot succes, ze werden in de zeventiende en achttiende eeuw vaak herdrukt en in Bijbels opgenomen. De prenten zijn genummerd in de rechter benedenhoek. Elke prent heeft een kort onderschrift met de vindplaats in de Bijbel. Soms vergiste de graveur zich: de afgebeelde scene op prent 89 komt uit het boek 1 Regum (Koningen) 2, vers 12 in plaats van vers 38.

Beeldmerk van Claes Jansz. Visscher

Beeldmerk van Claes Jansz. Visscher

Helaas zijn slechts 27 van de 42 bladen, met in totaal 207 prenten in deze Bijbel aanwezig. Een paar bladen liggen los en van sommige zijn zelfs prenten afgeknipt. Door de verkleuring van het papier zijn de voorstellingen hier en daar erg donker geworden en jammer genoeg heeft de boekbinder de bladzijden ruim afgesneden. In 1963 verscheen een deeltje in de serie Zwarte Beertjes van uitgeverij Bruna, met alle 336 prenten en een toelichting van Victorine Bakker-Hefting. Hierdoor hebben we toch een beeld van de ontbrekende prenten. Dankzij de gravures van Pieter Schut en dankzij de goede gever is deze Heiloose Statenbijbel een mooie en interessante aanwinst voor onze Bijbelcollectie.

Prent 89: 1 Koningen 2:12 (klik voor groot formaat)

Prent 89: 1 Koningen 2:12 (klik voor groot formaat)

Prent 92: 1 Koningen 3:26 (klik voor groot formaat)

Prent 92: 1 Koningen 3:26 (klik voor groot formaat)