Het jaar van de bibliotheek, een terugblik

2016 was het Jaar van het Boek, en wat ons betreft was het ook een prima Jaar van de Bibliotheek. We hebben het afgelopen jaar weer mooie en interessante boeken aan de collectie kunnen toevoegen. We lichten er een paar uit, slechts een kleine greep uit al het moois. Een overzicht van de aanwinsten van 2016 staat op onze website.

In de bibliotheek is, natuurlijk, alles te vinden wat er geschreven is over ons gebied. Maar ook informatie over algemene onderwerpen die van pas komen bij historisch en genealogisch onderzoek is ruim aanwezig. Sommige boeken zou je misschien niet direct verwachten in deze bibliotheek. Vaak hebben die te maken met collecties die in het verleden om allerlei redenen bij het Regionaal Archief zijn terechtgekomen, door overbrenging vanuit archieven of musea of door schenkingen van particulieren en instellingen. Boeken die onderdeel zijn van ons regionaal cultureel erfgoed, en daarom in aanmerking komen om voor de toekomst bewaard te worden.

De Alkmaarse Librije

historische-stadsbibliotheken-leerintveldEen voorbeeld van zo’n collectie is de Alkmaarse Librije, zo’n 300 boeken, voor het grootste deel gedrukt in de zestiende eeuw en meestal in het Latijn. Ooit stonden de boeken, waaronder vele grote folianten, in de Grote Kerk in Alkmaar, later zijn ze in het Gemeentearchief, nu het Regionaal Archief, ondergebracht. Vanwege deze Librije zijn boekdrukkunst en bibliotheekgeschiedenis belangrijke onderwerpen in onze collectie.

De Alkmaarse Librije wordt al enige jaren bestudeerd door boekhistorici van de Universiteit van Amsterdam. In het boek Historische stadsbibliotheken in Nederland (Zutphen, Walburg Pers, 2016) worden librijes van een groot aantal Nederlandse steden beschreven. Het boek geeft een mooi beeld van de tijd waarin deze librijes ontstonden, en van de overeenkomsten en verschillen tussen de verschillende steden. Over de geschiedenis en de samenstelling van de Alkmaarse Librije schreven Paul Dijstelberge en Kuniko Forrer een hoofdstuk met veel wetenswaardigheden over het ontstaan van deze collectie, over de boeken en het gebruik door de eeuwen heen. Duidelijk is dat de samenstelling van collecties als deze voor een deel door het toeval is bepaald. Zo is in de Alkmaarse Librije de rubriek ‘medische werken’ goed vertegenwoordigd dankzij de Alkmaarse arts Pieter van Foreest die een aantal medische werken schonk.

Almanakken

Almanakken vormen een andere bijzondere collectie in de bibliotheek. Het zijn de kleinste boekjes die in onze bibliotheek te vinden zijn, hooguit een centimeter of tien. Een almanak is een boekje dat één keer per jaar verschijnt. Het bevat een aantal vaste rubrieken zoals een jaarkalender met heiligendagen en markten, zon- en maanstanden, dienstregelingen van trekschuiten en beurtschepen, weersvoorspellingen, kroniekjes, verhalen en gedichtjes. De bekendste is de Enkhuizer Almanak, die nog steeds verschijnt. De bibliotheek van het Regionaal Archief bezit een van de oudste bewaard gebleven exemplaren, de almanak voor het jaar 1701.

Ook in Alkmaar zijn in de achttiende en negentiende eeuw zulke almanakken uitgegeven. We hebben er verschillende in de collectie uit de periode 1739-1918 van Alkmaarse drukkers als Jan van Beyeren, Jacob Maagh en Hermanus Coster. Helaas is de serie lang niet compleet. Maar onlangs schonk een bezoeker ons twee edities die ontbraken, uit 1885 en 1892. De inhoud wijkt niet af van andere almanakken en is ook niet specifiek Alkmaars. Bijzonder is dat op de perkamenten omslagen van de almanakken portretten zijn afgebeeld. Op het almanakje uit 1885 zien we nog heel vaag een afbeelding van koning Willem III te paard. Willem III was koning van 1849 tot 1890. Hetzelfde plaatje komt trouwens ook voor op almanakken uit de jaren daarvoor; kennelijk was de beeltenis geschikt voor meer Willems! Op het almanakje uit 1892 staat een portretje van koningin Wilhelmina als jong meisje met loshangend haar. Zij was pas tien jaar oud toen haar vader in 1890 overleed. We hebben één andere almanak met een portret van Wilhelmina op de omslag: op de editie uit 1912 staat zij als jonge vrouw afgebeeld.

Liederen over de Dubbele Moord te Schagen

Een beroemde – beruchte – gebeurtenis uit de lokale geschiedenis is ‘de dubbele moord te Schagen’. Prominent aanwezig in onze tentoonstelling ‘Collectie op de kaart’ bij de entree van het Archief en een vast onderdeel van de rondleidingen. Op 11 augustus 1894 bracht de jonge Klaas Boes twee vrouwen om het leven toen hij ’s nachts in hun huis in Schagen inbrak, op zoek naar geld en sieraden. Over deze vreselijke gebeurtenis werden diverse liederen geschreven die gezongen konden worden op markten en kermissen, op de melodie van liedjes die blijkbaar bij iedereen bekend waren, zoals Op ’t somb’re kerkhof en Kolijn, een brave boerenzoon. Wie in de Nederlandse Liederenbank van het Meertens Instituut deze titels opzoekt komt verschillende varianten tegen. Wij hadden in de bibliotheek en in het archief geen enkel origineel lied over de moord, dus de schenking van deze drie drukwerkjes, waarvan één gedrukt door Zwaan & Zoon te Alkmaar, vormt een prachtige aanvulling.

Statenbijbel

biblia-van-ravesteijn-opening-nt-1660

Vervaardiger: Regionaal Archief Alkmaar. Fotolicentie: CC-BY.

Theologie is vanouds een belangrijk onderwerp in de collectie. Naast de Alkmaarse Librije, die veel theologische werken bevat, bewaart het Regionaal Archief ook drie zogenaamde pastoorsbibliotheken, uit Akersloot, Heiloo en Limmen. Deze collecties bevatten bijzondere oude drukken op theologisch gebied en Bijbels in alle soorten en maten. Over de pastoorsbibliotheek van Limmen schreef Judith Eilander haar masterscriptie Een aanzienlijke bibliotheek van een vrij nette statie (2013). Ook de Protestantse Gemeente Alkmaar schonk ons enkele Bijbels. Al sinds 1995 is het pronkstuk, de grote Kanselbijbel uit 1663 met prachtig ingekleurde kaarten, bij ons ondergebracht. Onlangs ontvingen we nog enkele Bijbels, waaronder een indrukwekkende, geheel gerestaureerde Statenvertaling van de Amsterdamse drukkersfamilie Van Ravesteyn. Apart aan deze groot formaat Bijbel is de samenstelling: het Oude Testament is in 1664 gedrukt, de Apocriefe Boeken en het Nieuwe Testament zijn van een oudere editie uit 1660. De Bijbel heeft ooit gediend als Kanselbijbel. De beschadigde bladzijden in het midden van de Bijbel, waar die open heeft gelegen op de kansel, zijn gerestaureerd maar nog goed te zien.

Drukker-uitgever Eric van der Wal uit Bergen

Uit Bergen is een bijzondere collectie drukwerk afkomstig. Drukker-uitgever Eric van der Wal schenkt ons regelmatig een exemplaar van zijn uitgaven. Met de hand gezet en in een kleine oplage in eigen huis gedrukt, zijn het altijd zeer verzorgde collector’s items. Elk jaar maakt hij een Nieuwjaarswens, een boekje van klein formaat; de kleinste is drie centimeter. De boekjes bestaan meestal uit zestien bladzijden, op verschillende manieren gevouwen. De Nieuwjaarswens voor 2016 meet acht bij vijf en een halve centimeter. Op de bladzijden staan de woorden ‘twee nul zes een’, drie van deze getallen in zwart en steeds een ander getal in rood.

Ook vervaardigde hij in 2016 het prachtige boekje Waar de lijster floot met de herinneringen van zijn vader Theo van der Wal aan zijn arrestatie en gevangenschap in het Huis van Bewaring in Amsterdam in 1943. Aan het slot van het boekje is de novelle De lijster opgenomen, over de vogel die de gevangene in zijn cel hoorde fluiten, een symbool van de vrijheid. De ‘mombakkes’ op de titelpagina is een zelfportret van de schrijver.

nieuwjaarswens

Copyright Eric van der Wal, Bergen

Met de K18 van Den Helder naar Soerabaja

Op 14 november 1934 vertrok de onderzeeboot Hr. Ms. K XVIII uit de haven van Den Helder voor een reis naar Soerabaja die acht maanden zou duren. De K18 maakte een flinke omweg langs havens van Zuid-Amerika en Australië. Doel van de reis was onder andere het verrichten van wetenschappelijk onderzoek, zoals het uitvoeren van zwaartekrachtmetingen.

Aan boord maakte amateurfilmer M.S. Wytema filmopnamen. Hij had de Filmfabriek Polygoon enthousiast gemaakt voor het idee een bioscoopfilm te produceren over deze gedenkwaardige reis. En zo geschiedde. De K18 werd “met eenige honderden kilo’s aan toestellen, films en lampen verzwaard”, allemaal apparatuur geleverd door Polygoon. Bij de film, die in 1935 uitkwam en maandenlang volle zalen trok, verscheen ook een brochure: 20.000 mijlen over zee, het groote nationale filmwerk van Polygoon. Dit boekje, ons geschonken door een bezoeker, bevat foto’s en een korte beschrijving van de film. De film is integraal te zien op de website van de VPRO. Boeiend is een scene waarin de K18 het eiland Tristan da Cunha in de Atlantische Oceaan aandoet. Het zijn de oudste filmopnamen van dit eiland. De bevolking, waaronder een kleindochter van de Nederlandse visser Pieter Groen die in 1865 gouverneur van het eiland werd, wordt verblijd met de post en een lading blikken bruine bonen, erwtensoep, boerenkool en hutspot. Na de reis verschenen verschillende uitgebreide gedenkboeken waarvan er ook enkele in onze collectie aanwezig zijn.

20000-mijlen-foto

Het Bio Vacantieoord in Bergen aan Zee

De collectie kinderboeken van de Alkmaarse uitgeverij Kluitman is een bekend en aansprekend onderdeel van de bibliotheek. In de afgelopen jaren bijeenvergaard door schenkingen van bezoekers, heel af en toe gekocht voor soms niet meer dan een gulden of euro. Dat daar nog steeds verrassingen tussen zitten bewijst Waar de zeewind waait van Gonny van Dieren, een pseudoniem van Ivo F.J. Groothedde (jongensboeken schreef hij onder zijn eigen naam!).

Een paar jaar geleden schonk de Koninklijke Bibliotheek ons een groot aantal Kluitman-uitgaven, die we nu aan de collectie toevoegen, af en toe een stapeltje. Daarbij waren twee herdrukken van deze titel uit 1955 en 1962, de eerste druk uit 1950 was al in de collectie aanwezig. Bij het beschrijven van de verschillende edities viel opeens de afbeelding op de omslag op, getekend door Henk Giesen. Leek dat gebouw op de duinen niet erg op de villa op het Russenduin in Bergen aan Zee? Inderdaad speelt het verhaal zich af rond een niet met name genoemd koloniehuis waar kinderen een paar weken verblijven om aan te sterken. Het voormalige Bio Vacantieoord en het duingebied daar omheen heeft duidelijk model gestaan voor het verhaal. Er zijn meer boeken van Kluitman die zich in onze omgeving afspelen. Bekend zijn Jaepie-Jaepie van C. Joh. Kieviet en De koning der menschenredders (Dorus Rijkers) van Tjeerd Adema. Daar kunnen we nu Waar de zeewind waait aan toevoegen.

Door Marijke Joustra

Menno Grondsma, ‘Dertig artiesten in acht minuten’

Alkmaarse wereldster wilde de revue laten herleven

Veel Alkmaarders hebben hem op zien treden, de internationaal bekende revuester Menno Grondsma. Geboren in 1913 op de hoek Dijk-Voordam was hij als zoon van de directeur van de kaasfabriek Karperton  voorbestemd voor een loopbaan in de kaas. Hij bezocht de Alkmaarse HBS en daarna de Handelsschool en ging aan de slag in de kaasfabriek. Maar het zou anders lopen.

Grondsma

Menno Grondsma als Al Jolson tussen de affiches, in 1953 ‘Top of the Bill’ in Nice. Fotolicentie: CC-BY. Vervaardiger onbekend. Collectie Regionaal Archief Alkmaar.

Als kind organiseerde hij al voorstellingen. In de garage naast het ouderlijk huis vertoonde hij films, bezoekers betaalden vijf cent en zaten op kaasplanken ondersteund door kaastonnetjes. Tijdens zijn HBS-tijd schreef hij voor de leerlingenvereniging Vokzos een revue waarin hij zelf optrad als parodist, wat hij herhaalde tijdens zijn Handelsschooltijd (Pacivolo). Via zijn vader Gerrit, actief bestuurslid van de 8 Oktobervereniging, raakte hij als samensteller betrokken bij de eerste 8 Oktoberrevue, waarin hij met zijn vader en zijn vrouw Tine meespeelde. Dankzij het succes werd er elk jaar een revue georganiseerd.  In 1941 bleek de belangstelling zo groot dat er zelfs extra avonden in het Gulden Vlies georganiseerd moesten worden. Het succes werd zelfs opgepakt door de Hilversumse radiozender, die fragmenten van de revue uitzond!

kaasfabriek

De nieuwe kaasfabriek in de jaren dertig. Fotolicentie CC-BY. Vervaardiger onbekend. Catalogusnummer: FO1007117 Collectie Regionaal Archief Alkmaar.

Menno trad op als zanger, imitator, goochelaar en sneltekenaar. Vooral zijn imitaties van sterren als Louis Davids, Willy Derby en Marlene Dietrich waren succesvol. Met zijn eigen gezelschap, De Bonte Spelers, trad hij op door heel Noord-Holland totdat in 1942 de oorlogsomstandigheden daar een einde aan maakten.

Na de oorlog verliet hij de kaasfabriek en stortte zich met een nieuw gezelschap, De Toverbal, helemaal op het artiestenvak. Door de nog jonge Toon Hermans (zelf begonnen als imitator van de toen bekende artiest Johan Buziau), werd Menno in 1946 naar het Amsterdamse gezelschap ‘Theater Plezier’ van Floris Meslier gehaald. Dit gezelschap was ook verbonden aan het populaire radioprogramma ‘De bonte dinsdagavondtrein’, waar Menno als quizmaster van de quiz ‘Quitte of Dubbel’ landelijke bekendheid verwierf.

Zijn bijzondere act als imitator en parodist viel al snel op en leidde tot optredens in vele landen, van Amerika tot Egypte. En hij zou met vele beroemdheden op het toneel staan, zoals Paul Anka, Nana Mouskouri, Catharina Valente en Jacques Brel. Hij imiteerde met veel succes artiesten als Louis Armstrong, Dean Martin, Josephine Baker, Leo Fuld en Tino Rossi. Dertig artiesten in acht minuten, met als slotstuk Grondsma die zich op het podium vliegensvlug zwart schminkte en zijn optreden beëindigde als Al Jolson.

Het hoogtepunt van zijn carrière lag in de jaren vijftig. De opkomst van de televisie leidde tot minder interesse voor de revue. ‘We zijn opgevreten door de televisie’, zei Menno later en om te kunnen blijven werken moest hij uitwijken naar een van de laatste revuetheaters in Duitsland. In 1972 had hij daar zijn duizendste optreden.

Eind jaren zeventig stopte hij en vestigde zich te Bergen. Maar hij kon niet wennen aan het leven zonder podium en in 1981 huurde hij voor eigen risico twee avonden het Alkmaarse Vest-theater om zijn 35-jarig jubileum te vieren. Hij stelde een programma samen met regionale (De Waagzangertjes) en nationale artiesten (Eddy Christiani, Imca Marina, Herbert Joeks), opgefleurd met oude kleurenfilms van Alkmaar die zijn vader had gemaakt. Hij bracht ook een hommage aan de bekende medewerkers van de oude 8-Octoberrevue’s als Piet Cloeck, Kees Stet, Guus Verhoeven en Jo Fakkel. Zelf was hij met zijn parodieën, goocheltrucs, sneltekenact en komische buikspreker het middelpunt. Hij wist zeker dat het een groot succes zou worden, zo leuk dat hij zelfs ‘natte broeken’ voorspelde.  Hij zag het als een comeback van zowel hemzelf als de revue.

Ondanks de gemengde ontvangst bleef hij positief en probeerde het de jaren erna nog een paar keer. Zoals in 1985, 72 jaar oud, met de revue ‘Die goede ouwe tijd’. Het was zijn zoveelste come-back, maar een groot succes werd het niet. Het grote publiek bleef weg, zijn act als zingende goochelaar viel tegen en het programma duurde te lang. ‘Terreur van de middelmaat’,  oordeelde een recensent, ondanks zijn respect voor de oude meester. Ook de niet onverdienstelijke optredens van acts uit de regio zoals de Midway Singers, Accordeana, Operettevereniging Akersloot/Uitgeest, de City Guards, en de modeshow van de Witte Markies konden de avond niet redden. Een andere recensent besloot met de opmerking: ‘Na deze revue, die ook financieel een debacle werd, lijkt voor Menno definitief het doek gevallen. Misschien is het wel beter zo…’

Een onverdiend einde van de roemrijke carrière van deze rasartiest. Drie jaar later (1988) zou hij overlijden. Alleen zijn plakboeken resteerden toen nog als herinnering aan zijn roemrijke carrière.

Door Paul Post

Hoe het Scharlo het verloor van het verkeer

Let op! 
Graag het vriendelijke verzoek aan iedereen die foto’s van deze pagina afhaalt: let op de fotolicentie! De meeste foto’s hebben een CC-BY of CC-BY-ND licentie. Opslaan en delen mag, maar vermeld de bron (meestal het Regionaal Archief Alkmaar) en als die bekend is, de fotograaf. Alvast bedankt.


Geregeld bezoeken mensen de studiezaal van het Archief om meer te weten te komen over het verleden van hun straat. Maar hoe zit het eigenlijk met de straat van het Archief zelf? Het Scharlo lijkt op het oog één met de Bergerweg. Toch blijkt uit het naamsverschil een eigen verleden. Maar wel altijd in dienst van het verkeer van en naar de stad.

scharloo-1923-2017

De smalle ingang van het Scharlo aan de kant van de Geesterweg in de huidige situatie. Fotolicentie: CC-BY. Vervaardiger Timewarp: Regionaal Archief Alkmaar. Catalogusnummer oude foto: FO 1002968.

Lees verder

Schijndoden en bekende Alkmaarders

Let op! 
Graag het vriendelijke verzoek aan iedereen die foto’s van deze pagina afhaalt: let op de fotolicentie! De meeste foto’s hebben een CC-BY licentie. Opslaan en delen mag, maar vermeld de bron (meestal het Regionaal Archief Alkmaar) en als die bekend is, de fotograaf.

Bijna 190 jaar begraven op de Algemene Begraafplaats

panorama

Panorama van vak A met Protestantse eigen graven. Licentie CC-BY. Foto: Regionaal Archief Alkmaar

Als je voor 1829 in de Grote Kerk van Alkmaar kwam was er een kans dat je er weer misselijk uit kwam. Het was namelijk gebruikelijk mensen te begraven binnenin de kerk, voornamelijk de welgestelden. De ‘normale’ burgers kregen vaak een plekje op het stadskerkhof dat naast de kerk lag. Het probleem was dat de ontbindende lijken net onder de vloer een enorme stank konden verspreiden en zelfs geluiden produceerden tijdens het vergaan. Verandering was echter op komst.

Lees verder

Het Alkmaarse Victoriebeeld 140 jaren jong

Frans Stracké,

Frans Stracké, de beeldhouwer van Victorientje. Collectie Regionaal Archief Alkmaar

Let op! 
Graag het vriendelijke verzoek aan iedereen die foto’s van deze pagina afhaalt: let op de fotolicentie! De meeste foto’s hebben een CC-BY licentie. Opslaan en delen mag, maar vermeld de bron (meestal het Regionaal Archief Alkmaar) en als die bekend is, de fotograaf.

‘Een gezonde stevige deern’

In het enkele jaren geleden fraai opgeknapte Victoriepark staat nu al 140 jaar het beeld van de godin Victoria, in Alkmaar vaak liefkozend Victorientje genoemd. Het beeld heeft veel te lijden gehad van het Alkmaarse klimaat van luchtverontreiniging en vernielzucht. Net als bij echte oude dames geldt ook bij Victorientje, dat alleen op enige afstand de oorspronkelijke schoonheid nog zichtbaar is.

Het beeld heeft een interessante geschiedenis, die begon in 1872. Een breed samengestelde feestcommissie die de viering van driehonderd jaar Alkmaars Ontzet organiseerde, vond dat er een blijvend gedenkteken moest komen aan de gebeurtenissen van 1573. Elders in Nederland – in Heiligerlee, Den Briel en Leiden – waren er in die tijd soortgelijke initiatieven, allemaal met het doel om belangrijke gebeurtenissen uit de Tachtigjarige Oorlog te herdenken.

Lees verder