Hoe het Scharlo het verloor van het verkeer

Let op! 
Graag het vriendelijke verzoek aan iedereen die foto’s van deze pagina afhaalt: let op de fotolicentie! De meeste foto’s hebben een CC-BY of CC-BY-ND licentie. Opslaan en delen mag, maar vermeld de bron (meestal het Regionaal Archief Alkmaar) en als die bekend is, de fotograaf. Alvast bedankt.


Geregeld bezoeken mensen de studiezaal van het Archief om meer te weten te komen over het verleden van hun straat. Maar hoe zit het eigenlijk met de straat van het Archief zelf? Het Scharlo lijkt op het oog één met de Bergerweg. Toch blijkt uit het naamsverschil een eigen verleden. Maar wel altijd in dienst van het verkeer van en naar de stad.

scharloo-1923-2017

De smalle ingang van het Scharlo aan de kant van de Geesterweg in de huidige situatie. Fotolicentie: CC-BY. Vervaardiger Timewarp: Regionaal Archief Alkmaar. Catalogusnummer oude foto: FO 1002968.

Lees verder

Stelling Den Oever

De Afsluitdijk is een mooie verbinding tussen Noord-Holland en Friesland, maar ook eentje die door een vijandig leger gebruikt zou kunnen worden om bijvoorbeeld snel Amsterdam te bereiken. Daarom werden aan beide kanten van de dijk in de jaren ’30 van de vorige eeuw fortificaties aangelegd met verschillende kazematten. De meest bekende fortificatie is die van de stelling bij Kornwerderzand aan de kant van Friesland. Minder bekend is dat bij Den Oever een soortgelijke stelling ligt.

Stelling van den Oever

Stelling van den Oever. Kaart door Cartographics / M. Verhoeks.

De “Stelling Den Oever” bestaat uit 13 vestingwerken aan beide kanten van de A7 bij de Stevinsluizen.  Ze zijn gebouwd tussen rond 1933 en bestaan uit o.a. mitrailleur- en kanonkazematten.

Voor een fotoreportage bezochten we kazematten  IX, V en VII. Hieronder een korte slideshow. Alle 52 foto’s zijn hier te vinden.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Een videoreportage maakte we van kazemat IX.

Meer informatie en foto’s over de stelling bij Den Over hier te vinden:

Meer informatie over de stelling bij Kornwerderzand bij het Kazemattenmuseum.

De verdwenen Keetkolkbuurt

Tussen Westerkolkstraat en Korte Vondelstraat

Als u via de Vondelstraat naar de Alkmaarse binnenstad gaat, passeert u twee bruggen, de Wolfsbrug over de Baansingel en de Zoutkeetbrug over de Oudegracht. Ze zijn beide in 1957 gebouwd. Hun namen herinneren aan de verdwenen molen de Wolf en aan de vele zoutziederijen, die vroeger in dit deel van de binnenstad te vinden waren. De Korte Vondelstraat is ook pas in 1957 aangelegd. Na afbraak van de gehele Oosterkolkstraat werd de weg in 1959 doorgetrokken naar de Bierkade: eindelijk kreeg de oostelijke binnenstad een snelle noord-zuidverbinding. Langs de Korte Vondelstraat verrees moderne bedrijfshuisvesting voor de Vegro, de Brézan en Rolff’s Handelmaatschappij. De oude huizen aan de Westerkolkstraat werden ook grotendeels afgebroken. Door de grote veranderingen is het moeilijk om vandaag de dag een goed beeld te krijgen van de vroegere situatie. Daarvoor hebben we de hulp nodig van oude kaarten, prenten en foto’s.

Lees verder

Drijf-in-flats

Door Harry de Raad

Wonen in het hartje van de Alkmaarse binnenstad, met onder je huis een plekje voor je auto en je boot, wie zou dat niet willen? Zo dacht de Haagse architect R. Romke de Vries die in 1972 in opdracht van de Alkmaarder ir. H.T. Haverhals een plan maakte voor de bouw van ca. 176 zogenaamde ‘waterflats’ op de Eilandswal. Er zou snel gebouwd kunnen worden, want Haverhals had bijna het gehele gebied in eigendom.

Schets

Schets van de geplande bebouwing op het Schermereiland. Collectie Regionaal Archief Alkmaar. Vervaardiger onbekend.

De bebouwing op de Eilandswal maakte in die tijd een verwaarloosde indruk. De voormalige bedrijfsgebouwen van de toen pas naar de Kraspolderweg verhuisde scheepswerf Witsen en Vis domineerden het terrein. In een deel van de gebouwen was inmiddels de doe-het-zelf zaak van Toorenburg gevestigd. Op het terrein stond ook de productiehal van de Hollandse Tapijt Industrie, waar Haverhals directeur van was. Het bedrijf zou worden beëindigd en Haverhals zocht naar een nieuwe bestemming voor zijn bezit.

Scannen0008

Een maquette van de geplande woningen. Fotograaf onbekend.

Tot wel 30 meter hoog
Zowel het college van B&W als ook de pers waren in het begin enthousiast over het waterflats-plan. Natuurlijk waren er nog wat haken en ogen.  De bouwhoogte van de vijf rijen flats was misschien wat fors. Ze  zouden in terrassen worden gebouwd en in hoogte variëren van 3 tot 8 verdiepingen. Vlakbij de Bierkade kwamen lage flats. De hoogste gebouwen – ongeveer 30 meter – zouden het verst van de bestaande bebouwing af komen te staan. Als grote voordelen van het project zag men de vernieuwende architectuur, de combinatie van wonen en vaarrecreatie en het feit dat het in verval geraakte industrieterrein aan de Eilandswal eindelijk zou worden opgeruimd. De gemeentelijke welstandscommissie vond het bouwproject ‘interessant’. Wel vreesde de commissie dat het Schermerhek in het niet zou komen te vallen bij de nieuwbouw. Als oplossing bepleitte ze een verplaatsing van het monument naar de Kneppelbrug bij de Molen van Piet.

Scannen0007

Maquette van de geplande waterwoningen met een brede ontsluitingsweg over het Noord-Hollands Kanaal die de Coornhertkade en de Nieuwe Schermerweg zouden vervinden. Fotograaf onbekend.

Toen het bouwplan in april 1973 in de gemeenteraad werd besproken, bleken er toch allerlei bezwaren te leven bij de raadsleden. Zo had  PvdA’er P. IJssels liever ‘gewone burgermanshuizen’ op de
Eilandswal. Op die manier konden ook ‘gewone mensen’ genieten van het uitzicht op de fraaie Alkmaarse binnenstad. Alle raadsleden waren het erover eens dat er inspraak moest komen van de kant van de buurtbewoners. Wat dat betreft had de gemeente Alkmaar een belangrijk leerproces achter de rug. Begin jaren zeventig had de Spoorbuurt een succesvolle actie gevoerd tot behoud van de bestaande bebouwing. De politici hadden geleerd dat inspraak belangrijk was. De burger moest serieus genomen worden.

Massaal tegen
Wat vonden de bewoners van het Schermereiland van de bouwplannen? Het college van B&W ging in gesprek met de Werkgroep Schermereiland die de bewoners vertegenwoordigde en organiseerde een hoorzitting in buurthuis De Wachter. De bewoners bleken massaal tegen de bouwplannen te zijn. Men verwachtte een toename van de sociale spanningen in de buurt. Rijk en arm vlak naast elkaar, dat kon alleen maar misgaan. En wie zouden er in de waterflats gaan wonen? Er werd gevreesd voor de komst van rijke Duitsers uit het Roergebied of zelfs ‘een zootje penoze’. De nieuwe flatbewoners zouden niet alleen letterlijk, maar ook figuurlijk gaan neerkijken op hun veel armere buren. Ook de hoogte van de nieuwbouw mocht de bewoners niet bekoren. De bestaande lage huizen zouden in de schaduw komen te liggen en  last krijgen van wind. Burgemeester Roel de Wit verdedigde met verve het plan. Over de sociale aspecten merkte hij op dat verschillen in rang en stand steeds minder van belang waren in de maatschappij. Een mix van rijk en arm zou volgens hem juist positief kunnen uitpakken voor de buurt. Tegelijkertijd onderstreepte De Wit het belang van inspraak en zegde hij een enquête toe over de bouwplannen.

Wat nu? Architect Romke de Vries ging aan het werk en paste de plannen aan. Terwijl de flats oorspronkelijk bedoeld waren voor de vrije verkoop, zou er nu alleen nog maar sprake zijn van verhuur. Ook de de doorsnee-Alkmaarder kon op die manier een waterflat bemachtigen. De hoogte van de bebouwing werd eveneens aangepast.

eilandswal1972

Het Schermereiland in 1972. Een vervallen woonhuis (ooit van industrieel Pot) en oude industrie. Fotograaf onbekend.

eilandswal1980

Het Schermereiland in 1982. Fotograaf: W. Natzijl.

Van uitstel naar afstel
Maar de buurtbewoners bleken niet te vermurwen. De Werkgroep Schermereiland peilde in januari 1974 de mening van de buurt over het aangepaste plan. Van de 251 bewoners hadden er slechts  8 geen bezwaar. Tijdens een tweede hoorzitting met de buurtbewoners op 7 februari verdedigde burgemeester De Wit het nieuwe bouwplan, maar kreeg geen voet aan de grond. ‘Hoe kan een socialist een dergelijk commercieel plan dat bestemd is voor kapitalisten, verdedigen?’ vroeg een van de bewoners. De Wit moest opnieuw beloven dat er een buurtonderzoek zou komen, waarbij ook de plannen voor de Eilandswal zouden worden meegenomen. Tot zolang zou er niet gebouwd gaan worden. Daarmee was het lot van het waterflats-plan bezegeld. Van uitstel kwam afstel. Het zou nog jaren duren voordat er nieuwbouw verscheen op de Eilandswal. Grootschalige hoogbouw kwam er uiteindelijk wel bij de Schelphoek, maar dat is weer een ander verhaal….

Dudok in Alkmaar

Nieuwe plattegrond

Nieuwe plattegrond van de Grote Kerk en omgeving volgens de plannen van Dudok, 1946
Bron: Regionaal Archief Alkmaar

Door Harry de Raad

Plannen voor een plein rond de Grote Kerk

‘Een stad heeft niet alleen longen, maar ook een hart nodig’ schreef de Alkmaarsche Courant in 1931. De krant maakte zich sterk voor de aanleg van een groot plein in het centrum van Alkmaar, omzoomd door warenhuizen, hotels en cafés. De krant ontkende niet dat Alkmaar diverse pleinen bezat, maar die waren te verspreid gelegen ofwel erg ongezellig. Nu was er eindelijk een kans op verbetering schreef de krant, want de Alkmaarse architect D. Saal had een plan gemaakt voor een groot centraal marktplein rond de Grote Kerk. Het plein zou gerealiseerd moeten worden ten westen van de kerk, waar zich toentertijd het gebouwencomplex van het voormalig Rijksopvoedingsgesticht bevond en het grote gebouw van het oude Burgerweeshuis. Al deze gebouwen hadden hun functie verloren en sloop lag dan ook voor de hand. Het nieuwe marktplein zou het hart van Alkmaar gaan worden. Door de recente stadsuitbreidingen in het Nassaukwartier en bij de Bergerweg was de Grote Kerk steeds meer in het centrum van de stad komen te liggen, een reden te meer om bij de kerk een groot plein aan te leggen.

Ondanks deze wervende promotie kwam het plan niet tot uitvoering. De gemeente stond er welwillend tegenover, maar vanwege de crisistijd was er geen geld.

Merkwaardig genoeg werden de plannen weer actueel in de oorlogsperiode. De Grote Kerk werd gerestaureerd en men vond het tijd worden om ook eens na te denken over een plan van aanpak voor de omgeving ervan. De gemeente besefte wel dat de uitvoering van de plannen zou moeten wachten tot na de oorlog, maar dan lagen ze in ieder geval gereed om uitgevoerd te worden. Nadat architect Saal in november 1940 opnieuw plannen had ingediend, vroeg de gemeente in 1941 en 1942 ook andere architecten en stedenbouwkundigen om advies.

Schetsontwerp

Schetsontwerp door architect Dudok van het nieuwe ‘Noordplein’ (Canadaplein), ca. 1947. Bron: Regionaal Archief Alkmaar

Het plan van Dudok 

Schetsontwerp

Schetsontwerp van de pleinwand ten zuiden van de Grote Kerk met onder meer een groot hotel-restaurant, 1943. Bron: Regionaal Archief Alkmaar

Een geheel nieuwe draai kreeg het project na kritiek van een provinciale adviescommissie die van mening was dat ook de bebouwing aan de noordkant van de Grote Kerk bij de plannen betrokken diende te worden en dat de gemeente een bekwaam architect ‘met grote stedebouwkundige begaafdheid’ in de arm diende te nemen. Er werd geluisterd naar de kritiek en in 1943 gaf de gemeente de bekende Hilversumse architect W.M. Dudok – ooit leerling van de Alkmaarse Cadettenschool! – opdracht om een nieuw plan te maken. Het was de bedoeling dat hij ook een zekere bemoeienis zou krijgen bij de vormgeving van de nieuwe bebouwing. Pas na de oorlog kwam het tot verdere besluitvorming.

In een besloten vergadering van de gemeenteraad presenteerde Dudok in november 1946 de hoofdlijnen van zijn plan. De kern ervan omvatte de aanleg van een groot plein aan de noordzijde van de Grote Kerk. Dudok koos voor de noordkant omdat een plein op die plek door iedereen die vanaf de Bergerbrug de stad inkwam, gezien zou worden. Een verder argument was de kans om ook het vroegere ziekenhuisterrein en de Paardenmarkt bij de plannen te betrekken. Er zou een complex van pleinen gevormd kunnen worden. Aan het ‘Noordplein’ ter hoogte van het voormalig ziekenhuisterrein had Dudok een nieuw belastingkantoor gedacht. Voor het belastingkantoor was door de Rijksgebouwendienst ook al een ontwerp gemaakt. Ook een nieuw Landbouwhuis plaatste Dudok aan dit Noordplein. Aan de westkant van het verruimde Kerkplein situeerde de architect een nieuw postkantoor. Aan de noordzijde van dit plein zouden winkels en woonhuizen worden gevestigd. Ten zuiden van de kerk waren eveneens meest winkels en woonhuizen gepland, naast een groot hotel-restaurant op de hoek met de Koorstraat. De gemeenteraad luisterde aandachtig naar Dudok en besloot tot verdere uitwerking van het plan.

In nadere besprekingen kwam in 1947 ook even het denkbeeld op tafel om op de hoek van de Koorstraat met de Kerkstraat de in de 19de eeuw afgebroken klokkentoren van de Grote Kerk te herbouwen als een soort ‘vredestoren’. Men zag er uiteindelijk weer van af omdat de toren te weinig zou opvallen in het stadsbeeld. Een complicatie bij de verdere planvorming was het wegvallen van het belastingkantoor, waar geen behoefte aan bleek te zijn. Even werd er gedacht aan een cultureel centrum of een schouwburg op de vrijgekomen plek, maar uiteindelijk besloot men er een kantoorflat te situeren. Eind 1950 werd het plan-Dudok door de gemeenteraad vastgesteld. Maar waar niemand rekening mee had gehouden gebeurde: de provincie weigerde om procedurele redenen met de plannen akkoord te gaan. Een langdurige beroepsprocedure volgde en pas in 1954 kreeg de gemeente groen licht voor de uitvoering van het plan. Maar in de tussentijd kantelde het hele denken over de toekomst van de binnenstad. Men had behoefte aan grootschaliger plannen. De architect Wieger Bruin werd de nieuwe stedenbouwkundig adviseur van de gemeente en Dudoks plan werd opgeborgen in het archief.