Helden van het Beleg

Er is dapper gevochten door Alkmaarders en geuzensoldaten tijdens het beleg. Niet alleen door mannen, maar ook door vrouwen, jongens en meisjes. Een ooggetuige aan Spaanse zijde zag bij beklimmen muur ‘geen kurassen, helmen, geen soldaten, maar mensen gekleed als zeelui, met spaden en hellebaarden vechtend als leeuwen’.  De Alkmaarders vochten voor hun leven.

Het is interessant om eens te zien wie de meest populaire ‘oorlogshelden’ waren in de afgelopen eeuwen.

Helden bij Foreest
In het ooggetuigenverslag van Nanning van Foreest worden geuzenkapiteins Dirk Duivel van Amsterdam en Koenraad van Steenwijk speciaal genoemd vanwege hun moed en dapperheid tijdens de bestorming van de stad. Foreest had ook veel waardering voor Jacob Cabeliau, de bevelhebber van het geuzenleger, die ondanks ziekte toch aanwezig was bij de Friese Poort tijdens de Spaanse stormloop. Verder noemt Foreest een Schot, Cornelis genaamd. Hij was in Haarlem vaandeldrager geweest en daar door de Spanjaarden gevangen genomen. Later was hij ontsnapt en wist hij Alkmaar binnen te komen. Tijdens de bestorming zou hij in zijn eentje meer dan 20 Spanjaarden hebben verslagen, waarmee hij ieder wantrouwen, als zou hij een verrader zijn, had weggenomen.

Watergeuzen

16 juli 1573. De Watergeuzen worden de stad binnengelaten. Vervaardiger Ver Huell. Licentie: CC-BY. Collectie Regionaal Archief Alkmaar

Naast deze met name genoemde personen, spreekt Foreest in algemene zin zijn waardering uit voor de dapperheid van de Alkmaarse vrouwen, jongens en meisjes.

Trijn Rembrands

Schoorsteenstuk uit het voormalige Pesthuis, gewijd aan Trijn Rembrands, 18de eeuw. De inzet met de geschilderde afbeelding van Trijn is waarschijnlijk ouder, misschien zestiende-eeuws. Licentie: CC-BY. Collectie Stedelijk Museum Alkmaar

Nieuwe helden: Trijn Rembrands en Kitman
In de zeventiende eeuw kwamen er twee nieuwe helden bij: Trijn Rembrands en Kitman. Trijn wordt voor het eerst genoemd in 1661. Zij zou, nog maar ongeveer 16 jaar oud, velen moed  hebben ingesproken en had als een man gestreden. C.W. Bruinvis, Alkmaars eerste gemeentearchivaris, maakte haar bestaan aannemelijk. Trijn Rembrands was volgens hem identiek met Catharina Remme, die inderdaad tijdens het beleg ongeveer 16 jaar oud was. Een dochter van Catharina trouwde met een telg uit de in Alkmaar invloedrijke familie Baert. Daardoor werden wellicht, zo oppert Bruinvis, de heldendaden van Trijn beter herinnerd. In 1777 werd voor de regentenkamer van het pesthuis een schoorsteenstuk gemaakt, waarin een waarschijnlijk uit de zestiende eeuw daterend paneel werd verwerkt, met een afbeelding van een vrouw, gewapend met een piek en een zwaard. Dit zou overigens betekenen dat Trijn al in de zestiende eeuw enige bekendheid genoot.

Ook een andere held verscheen in de zeventiende eeuw op het toneel: Kitman. Hij wordt voor het eerst genoemd in het het gedicht Alckmaar lof-dicht van Cornelis Pietersz Schaghen in 1621. De Alkmaarse burgervaandrig Kitman zou met een slag van zijn slagzwaard een Spaanse vaandeldrager in twee stukken hebben gehakt: ‘ghy klooft hem met uw swaard van boven tot beneen’. P.C. Hooft maakte het verhaal in 1642 in zijn Nederlandsche Historien nog iets mooier. Toen de Spaanse vaandeldragers schreeuwden ‘zeeghe, zeeghe: de stad is onz’, zou Kitman met zijn slagzwaard de beide benen van een van hen hebben afgehakt, terwijl hij zei: ‘dat dat zyn was’. Biografische bijzonderheden van Kitman zijn niet bekend. De naam komt niet voor in de Alkmaarse doop-, trouw- en begraafboeken. Misschien heette hij niet Kitman maar Keetman? Deze naam komt wel voor.

Kitman

Kitman met slagzwaard en een groep vrouwen bij de verdediging van Alkmaar tijdens de Spaanse stormloop op 18 september 1573. Voorstudie voor het grote belegschilderij van Hilverdink in het Stedelijk Museum. Licentie: CC-BY. Collectie Stedelijk Museum Alkmaar

Trijn en Kitman waren ook in de negentiende eeuw nog steeds populaire helden. Op het grote schilderij van Hilverdink in het Stedelijk Museum Alkmaar is in ieder geval Kitman herkenbaar afgebeeld. Hij staat op het punt om de Spaanse vaandeldrager van zijn benen te beroven. Verder zien we een aantal vrouwen, waarvan de voorste met een lange piek een Spaanse vaandeldrager van de muur afduwt. Zou Hilverdink hier Trijn mee bedoeld hebben?

ontwerpschildering

Een ontwerpschildering voor een gebrandschilderd raam in het Alkmaarse stadhuis. Deze is van Jonkheer Jacob Cabeliau. 1879 Vervaardiger: R. Roeterink. Publiek Domein. Collectie Regionaal Archief Alkmaar

Nog steeds zijn Trijn en Kitman niet vergeten. Alkmaar heeft een Kitmanstraat en een Trijn Rembrandstunnel.

Het begint er wel op te lijken dat Trijn het qua heldenstatus in onze tijd gewonnen heeft van Kitman. Ter gelegenheid van de viering van 750 jaar Alkmaar in 2004 werd er zelfs een opera over haar geschreven, onder de toepasselijke naam Trijn.

Intussen zijn de bij Nanning van Foreest genoemde ‘vroegere‘ helden nauwelijks meer bekend. Er zijn in Alkmaar straatnamen genoemd naar Dirk Duivel en Cabeliau, maar hun namen roepen weinig emotie meer op. En Cornelis de Schot? Geheel en al vergeten…..

Door Harry de Raad

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s